Media en moslims: 'vrouwenhaters' in plaats van discriminatie

Het is moeilijk om mainstreammedia wakker te schudden voor het gevaar van racisme en islamofobie. Vormen van uitsluiting in ‘moslimlanden’ ver weg lijken belangrijker dan discriminatie van moslims in eigen land. Waar blijft de stem van politieke vertegenwoordigers van etnisch-culturele minderheden?
Media en moslims: 'vrouwenhaters' in plaats van discrim

We kunnen nog lang klagen over media die serieuze vormen van racisme en islamofobie en hun impact niet belangrijk vinden – maar vreemd genoeg wel de flauwe grappen van Ben Crabbé opvallend vonden.

 

Het is moeilijk om mainstreammedia wakker te schudden voor het gevaar van racisme en islamofobie. Vormen van uitsluiting in ‘moslimlanden’ ver weg lijken belangrijker dan discriminatie van moslims in eigen land. Waar blijft de stem van politieke vertegenwoordigers van etnisch-culturele minderheden?

Hebben we een Belgische Breivik nodig of een nieuwe Hans Van Themsche zodat media ernstiger worden over racisme en islamofobie? Er lijkt een consensus te zijn die deze sentimenten van haat minimaliseert, zolang er geen bloed wordt vergoten. In dit licht bekijk ik drie zaken: de berichtgeving over het rapport van Amnesty International, het ‘nieuws’ over de Marokkaanse premier Benkiran die vrouwen zou haten en de uitspraken van Leuvens burgemeester Louis Tobback over discriminatie in zijn stad.

Het is langer duidelijk dat de meeste media structurele vormen van discriminatie van etnisch-culturele minderheden behandelen als een detail, en dat politici hierover overwegend stil blijven. Misschien omdat de gevolgen niet altijd makkelijk te duiden zijn met voorbeelden. Nochtans verzamelt het rapport van Amnesty International een reeks voorvallen, die de impact tonen van maatregelen die etnisch-culturele minderheden en in dit geval moslims, uitsluiten. Misschien is dan het probleem dat de media het niet de moeite waard vinden om die voorbeelden te benoemen, omdat het daarbij soms gaat om ‘legale’ discriminatie. Maar ook dan is er geen excuus, want de taak van de (kwaliteits)media is net om de maatschappij kritisch te bekijken en overheden en andere maatschappelijke actoren te controleren. Dat laatste betekent dus ook kritisch kijken naar wetten en maatregelen die mensenrechten schenden, in plaats van ze over te slaan omdat ze legaal zijn.

In de politiek is het niet veel beter. Louis Tobback gaf een voorbeeld bij uitstek van hoe men niet moet omgaan met klachten over discriminatie. De Leuvense burgemeester (van de SP.A, de partij die zichzelf ooit promootte als verdediger van gelijke kansen) verklaart nog voordat het onderzoek werd afgerond met betrekking tot Hakim Benichou van het Minderhedenforum, die een klacht indiende wegens discriminatie aan de ingang van een café, gewoon een manier zocht om zijn campagne te kunnen voeren. En ook in dit geval van discriminatie is de vreemde houding van de media opvallend. Journalist Lieven Verstraete vond het in een uitzending van Terzake op 3 april vanzelfsprekend om te beginnen over jongeren die ‘stoelen en glazen pakken om daarmee te gooien’. Ik interpreteer dat als volgt: als een vreemde/bruine/zwarte Belg een fout maakt, is het niet zo ongewoon dat andere vreemde/bruine/zwarte Belgen daarvoor boeten. Het is deze racistische logica, die ook sommige werkgevers gebruiken in hun argumenten wanneer ze een sollicitant weigeren op basis van afkomst, huidskleur of religie.

Stigma

Gevolg van de manier waarop een journalist als Verstraete omgaat met deze problematiek, is dat minder mensen de VRT vertrouwen. Toen ik gebeld werd door het Minderhedenforum omdat de VRT een moslima zocht die ‘even kon vertellen over haar ervaringen met discriminatie’, heb ik geweigerd. Niet omdat ik nooit bereid ben om erover te vertellen. Wel omdat de VRT het vaak heeft verknald met dit soort gevoelige onderwerpen. En anders dan bij een werkgever die macht heeft ten opzichte van een sollicitant, is het hier het medium of de journalist die de controle heeft. Bij de VRT is het te riskant: wat je ook zegt, over de montage heb je niets te zeggen.

Door het probleem te negeren of het te behandelen door de fout te leggen bij de gediscrimineerde groep, verlies je niet alleen het vertrouwen van die groep, maar blijft ook het lijden onder een stigma afwezig in het nieuws.

Dat stigma wordt versterkt bij het derde onderwerp dat op een merkwaardige manier in de media kwam. De Standaard schreef namelijk dat de Marokkaanse premier Benkiran de Belgische minister Turtelboom negeerde tijdens een ontmoeting ‘omdat ze een vrouw is’. Dit gaat niet over discriminatie van etnisch-culturele minderheden in België en toch draagt dit bij aan een negatieve kijk op onze ‘eigen’ moslims.

Ten eerste is het raar dat ‘omdat ze een vrouw is’ neergepend werd als een feit. Bij RTLinfo, de oorspronkelijke bron van het verhaal, noemt de journalist deze reden enkel als zijn veronderstelling. Daarnaast vermeldde De Standaard niet dat Benkiran volgens RTLinfo zijn excuses achteraf aanbood voor een uitspraak die hij als grap bedoelde. Maar de lezers van De Standaard onthouden: In Marokko is er een ‘islampartij’ die vrouwen haat. Dus hoeven moslims hier niet te klagen, want in hun ‘eigen’ landen discrimineren zij ook. Een kinderachtige en foutieve redenering die geuit wordt in reacties onder artikels en op Facebook, maar helaas wel één die meer en meer de norm lijkt te worden, mede gevoed door foutieve artikels.

Van kus op de wang naar vrouwenhaat

Voor Brussels parlementslid Luckas Vander Taelen van Groen was dit bericht de ideale kans om ons nog eens te vertellen dat het eigen is aan moslims om vrouwen te haten, en dit zowel in Rabat als in Brussel. Zijn artikel wordt al ingeleid met ‘Dat er in België ook vrouwen minister kunnen worden, zinde de Marokkaanse premier niet echt’, waaruit blijkt dat Vander Taelen en De Standaard niet weten dat van alle regeringspartijen enkel de partij van Benkiran een vrouwelijke minister heeft. Ironisch dat Benkiran in de Marokkaanse media onlangs een hype was, omdat hij de vrouw van de Amerikaanse ambassadeur op de wangen kuste. Maar politici volgen media, en dan krijg je persberichten van de N-VA over ‘een provocatie aan het adres van de Belgische regering’.

Geruchten zijn hier belangrijker dan de feiten. Zeker als die geruchten het eigen gelijk bevestigen, terwijl de feiten over discriminatie van moslims aantonen dat België, en naar uitbreiding heel West-Europa, een crisis ondergaat die niet enkel draait rond een tekort in het overheidsbudget, maar ‘een desintegratie van humane waarden’ aantoont, zoals Amnesty International haar rapport inleidt.

Voor hun emancipatie hoeven etnisch-culturele minderheden er niet op te rekenen dat de meeste mainstreammedia tot inkeer komen. En de betere media met een kleiner bereik zoals DeWereldMorgen.be, MO* en StampMedia gaan, vrees ik, het grote verschil niet kunnen maken. Althans niet op korte termijn.

#Vrouwenrechten

Een van de manieren om het gevaar van racisme en islamofobie toch op de politieke agenda te krijgen, is door de druk op te voeren op mensen die een migratieachtergrond hebben en die mede dankzij stemmen vanuit gemeenschappen van niet-Vlaamse origine plaatsnemen in de parlementen en gemeenteraden. Maar hier blijkt het schoentje te knellen, zoals blijkt uit de Twittertimeline van Yamila Idrissi, parlementslid voor SP.A. Daar zat de afgelopen dagen geen bericht met blijk van verontwaardiging over het rapport van Amnesty International. Wel een Twitterbericht over haar onvrede met de Marokkaanse premier die minister Turtelboom negeerde ‘omdat ze een vrouw is’. Met als hashtag ‘vrouwenrechten’.

Tenzij ik een reactie van haar heb ik gemist in de krant of op een online nieuwssite of in een openbare Facebooknotitie, uit Idrissi dus minder of geen verontwaardiging over de schending van vrouwenrechten van de Belgische moslima’s. En ook Nadia Sminate van de (N-VA) is bezig over Turtelboom en niet over het rapport van Amnesty International wanneer ze bezorgd is over ‘het signaal naar Marokkaanse vrouwen in België’.

Verkiezingscampagnes

Soms klaagden politici als Ikrame Kastit (Groen) en Norah Karrouche (SP.A) discriminatie publiekelijk aan. Maar nu blijven ‘allochtone’ politici opvallend stil. Een heel verschil met het medialawaai van de holebi’s in de politiek toen twee mannen in Leuven aangevallen werden omwille van hun seksuele geaardheid. Daarom dat veel moslims het gevoel krijgen dat diegenen die gezien worden als hun politieke vertegenwoordigers zich niet bekommeren om hun sociale en economische achtergestelde situatie. Zeker niet als Zuhal Demir (N-VA) discriminatie net wil verergeren door te pleiten om de hoofddoek ook voor medewerkers van parlementsleden te verbieden.

Geen politicus, ook niet één met een moslimachtergrond, die van het rapport van Amnesty International gebruikmaakte om discriminatie van moslims, en specifiek gesluierde moslima’s, aan te klagen. Ook geen oproep om over partijgrenzen heen samen te werken in een poging om deze uitsluiting uit de weg te ruimen, zodat moslimvrouwen eindelijk de ruimte krijgen waarin ze zich kunnen concentreren op andere problemen.

We kunnen nog lang klagen over media die serieuze vormen van racisme en islamofobie en hun impact niet belangrijk vinden – maar vreemd genoeg wel de flauwe grappen van Ben Crabbé opvallend vonden. Het is misschien productiever als moslims en alle andere etnisch-culturele minderheden zich richten op het terrein van de (‘allochtone’) politici. Youssef Aouriaghel vraagt zich terecht af waarom racismebestrijding geen prioriteit is. Over twee jaar zijn er Vlaamse en federale verkiezingen. In oktober 2012 zijn er gemeenteraadsverkiezingen. In verkiezingscampagnes worden beloftes gedaan. Denken die politici misschien dat niemand van hun potentiële kiezers nu al in de gaten houdt wat er met hun stem gebeurt?

© 2012 – StampMedia – Hasna Ankal