Wie niet reageert op haatboodschappen, ontvlucht zijn verantwoordelijkheid

Lees hier een kleine bloemlezing van wat zoal op internet verschijnt. Goed dat Kif Kif het initiatief had genomen om daar wat aan te doen, via een nieuwe applicatie om haatboodschappen te melden. Want wat hier staat kan niet door de beugel, en vraagt in elk geval een reactie.
Wie niet reageert op haatboodschappen, ontvlucht zijn v

Zijn meningen strafbaar? Eigenlijk niet. Wat wel strafbaar is, dat zijn daden. Wanneer zijn woorden daden? Wanneer men ze gebruikt om anderen aan te zetten tot geweld, tot discriminerend of haatdragend gedrag

 

"(...) ik haat alles wat joods is (...) ook die 'echte' joden met hun leugens over een zogenaamde holocaust (...)" (naar aanleiding van een voetbalwedstrijd van Ajax)

"ze moeten ze al neerknallen die bruine kakkers!" (op een Belgische website)

"ze moesten ze maar niet het land binnen gelaten hebben ... gaskamer in aub" (op de Facebook-pagina van een Vlaamse partij)

"Nog iets om op te schijten: moslimpijpster [naam van persoon]" (als commentaar op iemand die bevriend is met een moslim)

"Ik vermoord homo's voor de fun" (op een Facebook-pagina)

Tot daar een kleine bloemlezing van wat zoal op internet verschijnt. Goed dat Kif Kif het initiatief had genomen om daar wat aan te doen, via een nieuwe applicatie om haatboodschappen te melden. Want wat hierboven staat kan niet door de beugel, en vraagt in elk geval een reactie.

Ja maar, er is toch vrijheid van meningsuiting? Natuurlijk is die er: men mag denken wat men wil en men mag zeggen wat men denkt. Dus hebben we ook de vrijheid om meningen met meningen te bekampen, om de onzin van meningen aan te tonen, om te wijzen op stereotypen en drogredeneringen ... Voor wie begaan is met onze samenleving is het zelfs een plícht om te reageren: u en ik moeten onze verantwoordelijkheid opnemen en elke keer opnieuw te kennen geven dat we zulke boodschappen verwerpen, dat alle joden, homo's of moslims over dezelfde kam scheren geen steek houdt, en dat een samenleving niet gediend is met haatcampagnes tegen groepen. Dat is het allereerste dat we telkens weer moeten doen.

Zijn meningen strafbaar? Eigenlijk niet, en zeker geen meningen over levensbeschouwingen of ideologieën. Dat is maar goed ook: in een democratie moeten ook schokkende, verontrustende en kwetsende meningen kunnen, luidt het refrein van het mensenrechtenhof in Straatsburg.

Wat wél strafbaar is, dat zijn daden. En aanzetten tot geweld, zoals in sommige van bovenstaande voorbeelden, is duidelijk een daad. Wanneer zijn woorden daden? Wanneer men ze gebruikt om anderen wetens en willens aan te zetten tot geweld, tot discriminerend of haatdragend gedrag ten aanzien van personen; wanneer ook uit de context blijkt dat men anderen iets wil 'doen doen' ten aanzien van personen. (De context, inderdaad: wie bovenstaande uitspraken op mijn rekening zet, omdat ik dit stuk onderteken, die houdt geen rekening met de context.) Of dat via het gesproken of het geschreven woord gebeurt, online of niet, doet er niet toe: het internet staat niet boven de wet, het is geen vrijplaats waar alles kan. Wie dus wetens en willens de strafwet overtreedt, die verdient vervolging, en in een rechtstaat is dat de rol van politie en justitie. De recente rondzendbrief over de aanpak van haatboodschappen en andere vormen van discriminatie geeft hun duidelijke instructies: aan hen om die toe te passen.

Wie zijn de daders? Niet alleen verloren gelopen enkelingen, maar ook organisaties - waaronder politieke partijen - en websites die herhaaldelijk in de fout gaan. Daar moet dan ook de prioriteit liggen: die georganiseerde recidivisten doen stoppen met hun daden. Wie zijn de medeplichtigen? De verantwoordelijken van de digitale en sociale media die de haatzaaiers telkens weer een forum geven aan en daarmee zélf de wet overtreden.

Als we als individu niet reageren op haatboodschappen, dan ontvluchten we onze persoonlijke verantwoordelijkheid. Als verantwoordelijken binnen organisaties en verenigingen, binnen de sfeer van werk, van onderwijs, van sport en vrije tijd en van de politiek nalaten om zulk wangedrag een halt toe te roepen, dan is dat schuldig verzuim -van hen mogen we zelfs verwachten dat ze ook preventief optreden, door binnen hun eigen organisatie de lat hoger te leggen dan waar de strafwet hen toe verplicht. Openbare diensten, zoals politie en justitie, moeten op hun beurt zorgen voor het sluitstuk van de aanpak van haatboodschappen: door de meldingen grondig te onderzoeken en waar nodig te vervolgen. 

 

>>> Jozef De Witte is Directeur van het Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding.

>>>> Dit stuk verscheen vandaag als opinie in de krant De Morgen

>>>>> Kif Kif lanceert wipe.be / lees het persbericht hier