James Bond: Licence to stereotype?

Het is kenmerkend voor het hedendaagse filmlandschap dat een latent seksisme en neokoloniale toets nog steeds tot de kernwaarden van de serie behoren.
James Bond: Licence to stereotype?

Ook hier is Bond nog steeds de paternalistische vrouwenverslinder die goed duidelijk maakt wat het betekent om man te zijn. Vrouwen zijn nog steeds inwisselbaar eye candy met amper dialoog.

 

Het is om de zoveel jaar steeds weer opnieuw uitkijken naar de nieuwste editie van cinema’s geliefde superspion: James Bond. Critici zijn enthousiast over Spectre en de film heeft een succesvolle paar weken aan de Europese box-office achter de rug. Maar wat ligt er voorbij de kleurrijke locaties en het visuele spektakel? Nu Daniel Craigs tijd als Bond er naar verluidt op zit en de producenten het hoofd zullen breken over waar nu weer heen te moeten met de nieuwe Bond cyclus, is het misschien tijd om even stil te staan bij wat de reeks ons na 53 jaar aan suave spionnenpret nog te bieden heeft en welke eisen we precies aan de volgende generatie films mogen stellen.

De laatste vier Bondfilms poogden het personage naar de moderne wereld te brengen, maar het is treffend dat de serie zoveel verouderde beschouwing blijft bevatten. De jongste telg in de reeks is een prima Bondfilm, daar niet van. De stunts zijn spectaculairder, de babes verleidelijker en de auto’s net dat ietsje flitsender. Na 24 edities is het duidelijk dat de franchise nog lang niet uitgeteld is. Deze uitzonderlijke draagbaarheid ligt mede bij de gave van de serie om zich met elke generatie Bonds te heruitvinden. Ondanks dat de kernkarakteristieken van de serie robuust blijven (de geregelde knipoog hiernaar natuurlijk niet misstaande), zijn het films die zich steeds opnieuw weten aan te passen aan de veranderende tijden. Ruimteavonturen zijn in? Roger Moore mag in discopak op de maan wandelen. Jason Bourne de nieuwe standaard van actiecinema, zegt u? Geen probleem, hier is een menselijkere Bond met gewetensconflicten. Uiteraard heeft de serie zelf ook vele jaren aan trendsetting achter de rug, maar dat neemt niet weg dat de reeks herhaaldelijk haar relevantie probeert te bewijzen.

Je zou Spectre best actueel kunnen noemen, met zijn vele verwijzingen naar thematieken als massa surveillance en de dubieuze oorlog tegen terrorisme. Het valt echter op dat een film als Spectre, die zo begaan lijkt te zijn met de veranderende tijden en het verval van waarden, halsstarrig blijft vasthouden aan gedateerde principes. Bond-acteurs komen en gaan, zelfs booswichten zijn inwisselbaar met de jaren, maar het is kenmerkend voor het hedendaagse filmlandschap dat een latent seksisme en neokoloniale toets nog steeds tot de kernwaarden van de serie behoren.

Spectre verschilt hier niet in van andere Bonds, en dat is iets dat na meer dan vijf decennia aan films op zijn minst een jammere zaak genoemd mag worden. Ook hier is Bond nog steeds de paternalistische vrouwenverslinder die goed duidelijk maakt wat het betekent om man te zijn. Vrouwen zijn nog steeds inwisselbaar eye candy met amper dialoog. Monica Bellucci heeft nog geen vijf zinnen gezegd alvorens 007 beslist dat wat deze getraumatiseerde weduwe nodig heeft een dosis Bond in bed is. Léa Seydoux begint als een personage dat van zich af kan bijten, hoewel het hier ook niet lang duurt alvorens ze zich ontpopt tot ‘damsel in distress’ die niet veel meer doet dan ontzet kijken en bevreesd in Daniel Craigs hand knijpen. Oh, en ze gaan met elkaar naar bed. Uiteraard.

Wanneer de actie zich naar Marokko verplaats is een dosis exotiek mede een must. Oriëntalistische straatbeelden zijn één ding, maar wanneer de plaatselijke bevolking enkel als dienstbode voor de rijke Westerling in beeld komt, is het moeilijk een romantisch sentiment naar een koloniaal verleden te negeren. Dat één van de gevestigde Bond-personages nu zwart is, kan gezien worden als een teken van verbetering. Maar wanneer de enige zwarte acteur in de running voor Craigs opvolger als “te street” wordt gelabeld door auteur Ian Flemming en één van de drie zwarte acteurs die een dialoog krijgen in de film als piccolo een autodeur mag openhouden, kan je je toch vragen stellen bij de zin tot vooruitgang van de reeks. Voor er in koor “blijf van onze Bond” wordt geschreeuwd, is het waarschijnlijk belangrijk te verduidelijken dat het niet de bedoeling is het vermaak dat de serie biedt enigszins te devalueren. Als Bond echter dient voort te bestaan anno 2016 is het louter tijd om deze archaïsche overblijfselen achter zich te laten, met voorkeur voor een meer diverse cast en sterkere vrouwelijke personages. Spectre ziet haar Bond richting een onzekere toekomst rijden. Laat ons nu enkel hopen dat het er één met een wat progressiever beeld op mens en samenleving is.