Keer op keer wordt racisme in het onderwijs aangetoond, maar waar blijven de maatregelen?

Deze maand kaartte onderwijsexpert Dirk Van Damme het probleem van racisme in het onderwijs nog eens aan in een interview in De Morgen. Abdullah Hemmet ziet het probleem van dichtbij en vraagt zich af hoe het kan dat ondanks alle kennis die er is over racisme, er nog steeds geen grondig beleid wordt gevoerd om het probleem aan te pakken.

Hoewel het onderwijssysteem algemeen wordt beschouwd als kwalitatief goed en toegankelijk voor iedereen, zijn er diepgewortelde problemen met betrekking tot die toegankelijkheid en de kansen die studenten krijgen.

Een van de belangrijkste problemen is dat er in het onderwijssysteem nog steeds sprake is van ongelijke kansen voor studenten, vooral voor studenten uit minderheidsgroepen. Zo hebben studenten met een migratieachtergrond, studenten met een lagere socio-economische achtergrond en studenten met een andere moedertaal dan het Nederlands, vaak meer moeite om toegang te krijgen tot kwalitatief hoogstaand onderwijs en om de benodigde ondersteuning te krijgen.

Een vergelijking van de PISA-onderzoeken van 2003 en 2015 toont aan dat het Vlaamse onderwijssysteem systematisch ongelijkheden voortbrengt op basis van afkomst en socio-economische factoren. Hoewel economische en sociale achtergronden een invloed kunnen hebben op deze ongelijkheden, wijzen studies uit dat deze factoren niet volledig verklaren waarom de kloof tussen achtergestelde en bevoorrechte leerlingen blijft toenemen. Een belangrijke oorzaak is namelijk ook structurele discriminatie. Die begint al op de kleuterschool, en vergt een gecoördineerde aanpak om ervoor te zorgen dat alle leerlingen, ongeacht hun achtergrond, toegang krijgen tot onderwijs van hoge kwaliteit.

'Verdoken racisme'

Niemand minder dan onderwijsexpert Dirk Van Damme kaartte het 'verdoken racisme' in het Vlaamse onderwijs onlangs aan in een interview in De Morgen. Ook sprak hij over 'het racisme van lage verwachtingen' ten aanzien van leerlingen met een migratieachtergrond: "Leraren die minder verwachten van een leerling met migratieachtergrond, die denken dat migranten automatisch tot minder in staat zijn. Een gruwelijk idee, maar het leeft wel degelijk", aldus Van Damme. "En dan zijn er ook leraren die niet aanvaarden dat migrantenkinderen het goed doen, en die hen daartoe dan ook niet alle kansen geven. Door bij studieadviezen snel te zeggen dat bepaalde diploma’s niet ‘voor uw soort mensen’ zijn".

“Op het moment van een studiekeuze denken sommige leerkrachten wellicht oprecht dat het voor een kind beter zou zijn om technisch of beroepsonderwijs te volgen, terwijl het voor dat kind misschien veel beter zou passen om voor ASO te kiezen"

Vele van de getuigen in de documentaireserie 'Het leven in kleur over racisme in Vlaanderen' kregen als kind ooit het studieadvies om zeker niet voor een ASO-richting te kiezen, laat staan Latijn. En zelfs als ze dat dan tóch deden – en tot een goed einde brachten, kregen ze het advies om toch vooral geen universitaire studies aan te vatten. Hoe kan dat? Naima Charkaoui, mensenrechtenexpert en auteur van onder meer ‘Racisme: over wonden en veerkracht’ geeft toelichting over het probleem in een artikel op VRT NWS, getiteld ‘Het onderwijs is een racistisch systeem waarin niet iedereen dezelfde kansen heeft’. 

Net zoals Van Damme gelooft Charkaoui ook dat de discriminatie vooral te wijten is aan onbewuste vooroordelen, stereotypen en (lage)verwachtingen van leerkrachten. Ze stelt vast dat deze leerkrachten, meestal onbewust, lagere verwachtingen hebben van leerlingen met een migratieachtergrond: “Op het moment van een studiekeuze denken ze wellicht oprecht dat het voor dit of dat kind beter zou zijn om technisch of beroepsonderwijs te volgen, terwijl het voor dat kind misschien veel beter zou passen om voor ASO te kiezen".

Charkaoui geeft aan dat dit probleem op individueel niveau moeilijk is vast te stellen. Wanneer iemand hier persoonlijk mee geconfronteerd wordt, is het moeilijk te bepalen of dit nu uitsluitend gebaseerd is op hun afkomst, of dat het wellicht echt de studierichting is die het best bij hun eigen voorkeuren past. 

Een overvloed aan getuigenissen over racisme

Het is verontrustend om  vast te stellen dat ongelijkheid, racisme en discriminatie zich nog steeds zo manifesteren in ons onderwijssysteem, zoals blijkt uit een overvloed aan wetenschappelijk onderzoek en recente getuigenissen die door Kif Kif werden verzameld. Het is zorgwekkend dat leerlingen met een migratieachtergrond geconfronteerd worden met discriminatie, zowel door leraren als door medestudenten, en bovendien ook met racistische taal en stereotypen in de leermaterialen.

Iemand bij dezelfde organisatie werkt als ik, vertelde me de volgende persoonlijke anekdote:

"Mijn hoogbegaafde 9-jarige kind (dat perfect Nederlands spreekt) heeft een IQ-test gedaan bij een specialist om te bepalen of verdere ondersteuning naar haar hoogbegaafdheid nodig is. Op alle onderdelen van de test scoorde ze heel hoog, met uitzondering van het onderdeel taal, waar ze een nul kreeg omdat de specialist haar definitie van het woord 'gehoorzaamheid' fout achtte. Dit terwijl verschillende leraren achteraf aangaven dat ze het woord perfect had gedefinieerd. Dit leidde tot discussie, want haar andere scores waren verhoudingsgewijs erg hoog.

De ongelijkheid die door racisme in het onderwijs ontstaat, wordt ten onrechte verklaard als een gevolg van taalachterstand. Zo wordt de focus verlegd naar het individu, in plaats van de maatschappelijke structuren

Hoewel de specialiste goede bedoelingen had, was haar beslissing om deze score te geven gebaseerd op stereotypen en vooroordelen (lage verwachtingen)."
Als bevestiging van de hierboven vermelde argumenten van Naima Charkaoui, laat dit verhaal duidelijk zien hoe onbewuste vooroordelen, lage verwachtingen en stereotypen  invloed kunnen hebben op beslissingen. Door het kind een score te geven op basis van een verkeerde interpretatie, heeft de specialist onbedoeld de hoogbegaafdheid van het kind onderschat en de mogelijkheid om verdere begeleiding te bieden enorm beperkt.

Dit toont aan het belang van bewust te zijn van onze eigen vooroordelen om ervoor te zorgen dat we objectieve beslissingen nemen en niemand onbedoeld benadelen.

Beleidsteksten doen aan 'victim blaming'

Laura Westerveen (VUB) deed onderzoek naar de positie van migranten en minderheden in België en Duitsland. In een interview met Frank Olbrechts in Apache geeft ze aan dat er sprake is van structurele discriminatie op basis van racisme binnen Vlaamse beleidsdomeinen, Onderwijs en Werk. De ongelijkheid die hierdoor ontstaat, wordt ten onrechte verklaard als een gevolg van taalachterstand. Zo wordt de focus verlegd naar het individu, in plaats van de maatschappelijke structuren.

De beleidsteksten, zo zegt Westerveen, beschouwen die achterstand als het resultaat van een individueel falen, waarbij het individu geen actie onderneemt om de aangeboden kansen te grijpen. Een gevolg van een neoliberale en radicaliserende ideologie die sinds het begin van het millennium steeds dominanter is geworden, zo besluit de onderzoeker.  

Wetenschappelijk onderzoek wijst erop dat onderwijsprestaties grotendeels beïnvloed worden door iemands sociale achtergrond. Kinderen van arbeiders scoren op school vaak slechter dan kinderen van hoogopgeleide ouders, terwijl kinderen met een migratieachtergrond ook vaak mindere resultaten behalen dan kinderen zonder migratieachtergrond. Dit betekent dat ons onderwijssysteem de ongelijkheden in de samenleving in stand houdt, terwijl het juist de taak zou moeten zijn van onderwijs om gelijke kansen te bieden en te zorgen voor de nodige vaardigheden om te kunnen opklimmen op de sociale ladder.

Orhan Agirdag,  professor pedagogische wetenschappen aan de KU Leuven en universitair docent aan de Universiteit van Amsterdam, bespreekt het probleem in zijn boek 'Onderwijs in een gekleurde samenleving'. Hij bespreekt de verschillende structurele barrières waarmee etnische diversiteit in het onderwijs geconfronteerd wordt, zoals segregatie, stereotypen, vooroordelen, lage verwachtingen, discriminatie en racisme.

In het boek worden deze structurele uitdagingen en hun onderlinge samenhang beschreven aan de hand van wat de auteur ‘het rad van ongelijkheid’ noemt. Agirdag benadrukt dat ook socio-economische aspecten, beleidsmakers en instituties een sleutelrol spelen.

Dit kan immers resulteren in een gebrek aan kansen en een gebrek aan toegang tot de beste onderwijsmogelijkheden, wat leidt tot een duidelijk gebrek aan kansen op lange termijn, zoals werkgelegenheid en maatschappelijke mobiliteit. Daarom is het belangrijk dat er maatregelen worden genomen om structurele discriminatie in het onderwijs in Vlaanderen aan te pakken en de kansen voor alle studenten te verbeteren, ongeacht hun achtergrond.

Te weinig divers lerarenkorps

Een andere factor die gelijkheid in het Vlaamse/Belgische onderwijs in de weg staat, is het gebrek aan diversiteit in het Vlaamse leerkrachtenkorps. Dit laatste is een langdurig probleem dat meer dan ooit aandacht vereist. Het belang van de onderlinge verbondenheid tussen leerlingen en leraren met verschillende achtergronden mag namelijk niet onderschat worden. Wanneer leerlingen les krijgen van leraren met verschillende achtergronden, ontwikkelen zij een beter begrip van de culturele diversiteit en kunnen zij gemakkelijker omgaan met verschillende perspectieven en ideeën.

Bovendien voelen leerlingen zich vaak beter thuis op scholen waar diversiteit verankerd is in het lerarenkorps.

Telkens toonde onderzoek aan dat leerlingen in een omgeving met een divers lerarenkorps academisch beter presteren en ook nog eens een betere sociale ontwikkeling doormaken

Er is veel onderzoek gedaan omtrent diversiteit binnen het lerarenkorps. Neem bijvoorbeeld het beleidsrapport 'Diversiteit binnen het onderwijzend personeel. Advies Commissie 'Diversiteit', dat enerzijds wijst op de  positieve gevolgen van diversiteit in het onderwijzend personeel op het welzijn van studenten en de kwaliteit van het onderwijs, en anderzijds aankaart dat diversiteit in de lerarenkamer zeldzaam blijft, op alle onderwijsniveaus van kleuterschool tot universiteit.

Telkens toonde onderzoek aan dat leerlingen in een omgeving met een divers lerarenkorps academisch beter presteren en ook nog eens een betere sociale ontwikkeling doormaken. Bovendien helpt een divers lerarenkorps bij het verminderen van vooroordelen en discriminatie in het onderwijs.

Het is daarom belangrijk dat er maatregelen worden genomen om de diversiteit in het Vlaamse leerkrachtenkorps te vergroten. Onderwijsinstellingen moeten toegankelijker worden gemaakt voor mensen uit verschillende achtergronden, zodat iedereen een carrière in het onderwijs kan overwegen. De overheid kan bijvoorbeeld financiële en personele middelen ter beschikking stellen om dit proces te vergemakkelijken. Daarnaast kunnen onderwijsinstellingen beleidslijnen en praktijken invoeren om inclusie en diversiteit te bevorderen. Het is cruciaal dat er meer initiatieven komen om de diversiteit in het Vlaamse onderwijs te bevorderen.
Structurele discriminatie in het Vlaamse onderwijs is een belangrijk en aanhoudend probleem dat de toegang tot onderwijs voor leerlingen met een migratieachtergrond belemmert. Waarom wordt er dan zo weinig aan gedaan?



Over de auteur:

Abdullah Hemmet is een doctoraatsonderzoeker in Conflict Management, Religion & Peace Studies, verbonden aan verschillende universiteiten, en werkt als godsdienstleraar bij het Ministerie van Onderwijs en Vorming. Hemmet voert diepgaand onderzoek uit met betrekking tot het uitdagende gesprek tussen het Vaticaan en de Al-Azhar universiteit. Hij behaalde zowel een master in politieke en sociale wetenschappen als een master in godsdienstwetenschappen aan KU Leuven.