Superdiversiteit in kinderboeken bezig aan opmars

Baloena is het product van intense samenwerkingen en dat merk je aan de hoge kwaliteit. Het gaat ook niet alleen over vluchtelingen, het is samen met een Afghaans gezin op de vlucht gemaakt.

 

Superdiversiteit dringt langzaam maar zeker de wereld van de kinderboeken binnen. Eerst was er de reeks superdiverse kinderboeken van Sesam, die ondertussen al aan een tweede reeks verhalen toe is. Vier- tot tienjarigen kunnen nu ook binnenstappen in de leefwereld van een vluchtelingengezin in Vlaanderen. Brigitte Puissant en Katrien Valckenaers – een moeder-dochterauteursteam – neemt de jonge lezers mee op sleeptouw in Baloena. De mooie tekeningen van Katriens vriend, Wietse Palmans, maken het geheel af. Dit boek is het product van intense samenwerkingen (het dankwoord vermeldt niet minder dan vijftien personen en organisaties) en dat merk je aan de hoge kwaliteit. Het gaat ook niet alleen over vluchtelingen, het is samen een Afghaans gezin op de vlucht gemaakt. Bijzonder charmant is het mixed-media concept waarbij foto’s en tekeningen elkaar organisch afwisselen, aanvullen of vervangen. De wereld die daardoor gecreëerd wordt doet tegelijk heel realistisch en fantasierijk aan.

Het verhaal gaat over een kleine jongen, Younes, die bij het spelen met zijn broertje zijn bal, ‘baloena’, verliest. De bal vliegt door het open raam de wijde wereld in. De aanvankelijk ontroostbare Younes is al snel klaar om samen met zijn zussen en broers op avontuur te trekken, de bal achterna. Het is een verhaal over ontdekking van de eigen en de nieuwe cultuur, over drempels en angsten overwinnen en vol verbazing over wat herkenbaar en nieuw is. Het verhaal van de vlucht wordt op heel subtiele wijze verbonden met de nieuwe ervaringen. Een toeristenbootje onder een brug roept herinneringen op aan papa’s oversteek naar Europa of een bloedend schrammetje leidt tot een verhaal over oorlogslittekens. Er wordt op die manier heel wat stof tot nadenken geboden op een uiterst toegankelijke manier. Uiteindelijk verbindt de zoektocht naar de bal het heden met het verleden, want het verhaal eindigt met een scène waarin de kinderen hun verloren bal zien in de handen van hun (overleden?) opa in Afghanistan. Het verhaal gaat dus ook over afscheid nemen en aanvaarding.

Het lijken zware thema’s voor een kinderboek, maar toch verliest het verhaal op geen enkel moment de lichtvoetige toon. Dat heeft ook te maken met het taalgebruik. Samen met Katrien Akkermans ontwikkelden de auteurs teksten die ook gezongen of zelfs gerapt kunnen worden (alle liedjes en raps zijn te downloaden via de website van Uitgeverij Averbode. Dat ritmische element voel je zelfs als je het boekje gewoon voorleest. Op geheel natuurlijke wijze sluipen er niet-Nederlandse woorden in de tekst. Je hoort Engels, maar ook Pasjtoe – iets waar de huidige generatie kinderen in onze superdiverse steden niet meer van zal opkijken. Het verhaal, de taal en de personages weerspiegelen mooi de realiteit die zich rond hen heeft gevormd.

De enige kritische kanttekening is dat het verhaal uitsluitend gefocust is op het Afghaanse gezin. In de proloog, waarin alle gezinsleden worden voorgesteld, staan ook nog enkele andere mensen afgebeeld, maar zij komen niet aan bod als personages in het verhaal. Iets meer aandacht voor de context (bijvoorbeeld door de voetballende vriendjes van de zonen een naam te geven) had het superdiverse karakter van het boek enkel kunnen versterken. Daardoor boet het verhaal echter niet in aan waarde. Integendeel, dit boek is een echte aanrader voor voorlezende ouders én jonge lezers. Samen met het document met didactische suggesties (ook te vinden op de website van Averbode) nodigt het verhaal voorts ook leerkrachten en opvoeders uit om te werken rond verscheidene thema’s, gaande van lichaamsbeleving en identiteit tot gevoelens en verwezenlijkingen. Kortom, het beeldrijke en ritmische verhaal prikkelt, het nodigt uit en het zet aan tot nadenken. Hopelijk blijft deze trend zich in kinderboekenland voortzetten.

'Baloena' werd uitgegeven door Uitgeverij Averbode in 2018. Het telt 29 geïllustreerde pagina’s en wordt vergezeld van een website met liedjes, raps en didactisch materiaal.